Een paar weken geleden breekt er een stuk van een kies af, dus bel ik de tandarts. De tandarts blijkt op vakantie en omdat ik niet echt heel veel last heb, laat ik het even rusten. Een week of wat later bel ik weer. De assistente neemt de telefoon op, maar kan bij afwezig van de tandarts helaas geen afspraak inplannen(??). Nu hebben wij de afgelopen jaren dat al vaker te horen gekregen, maar het toch blijft een raar antwoord. Neemt de tandarts z'n agenda mee naar huis of zo? Anyway, ik heb dus de assistente aan de lijn en op het moment dat zij mij de vraag stelt of ik erge pijn of bloedingen heb, maak ik een kapitale blunder. Ik antwoord: 'nee', dom dom dom. Nee.... dus is het geen spoed, of ik een week later wil terug bellen. Een week later belt mijn vrouw nogmaals voor een afspraak. Omdat ik 1 uur en 10 minuten enkele reis van mij werk woon, plan ik een (tand)artsbezoek het liefst op mijn 'vrije' vrijdag (papadag), maar omdat ook de tandarts op vrijdag papadag heeft (of zoiets) kan dat niet. De assistente noemt wat onmogelijke tijdstippen midden op doordeweekse dagen, mijn vrouw antwoord dat ze niet weet of ik dan kan, en weer wordt een telefoongesprek zonder daadwerkelijke resultaten beëindigd. Of ik zelf terug wil bellen. De volgende dag (gisteren) lukt het me te praktijk te bellen en weer is het moeilijk om een gaatje – leuke woordspeling, hahaha...... NOT! – in de agenda van de tandarts te vinden. Als ik zeg dat ik het toch echt graag mijn de vakantie gerepareerd wil hebben is er een dag later 'toevallig' een plekje, op een onrendabel tijdstip weliswaar, maar het moet maar gebeuren.
De volgende dag kom ik een kwartier te vroeg bij de praktijk aan en wordt verzocht in de wachtkamer plaats te nemen. Enige tijd later wordt ik geroepen en bij binnenkomst in de behandelkamer krijg ik direct een veeg uit de pan van de assistente. Uit de administratie blijkt dat ik al meer dan drie jaar niet ben geweest. Ik laat die opmerking op me in werken en denk, 'dat kan niet kloppen!'. De datum van de laatste afspraak wordt genoemd en dat duidt er al helemaal op dat het nooit kan kloppen. De laatste 'echte' keer was ik er namelijk samen met m'n zoontje, beiden voor controle, en op de datum die genoemd wordt was mijn zoontje 5 maanden oud. Een leeftijd waarop van tanden nog geen sprake is, laat staan van een bezoek aan de tandarts. Enige tijd later kwam de tandarts binnen en bij zijn openingszin 'zo, dat is al even geleden', dacht ik 'zo gaan we dat niet doen'. Ik wijs de tandarts erop dat dat nooit kan kloppen en vertel over de afspraak samen met mijn zoontje. Geïrriteerd begint de tandarts in z'n digitale agenda te bladderen, vindt uiteraard geen afspraken, opent het dossier van mijn vrouw en vindt een afspraak van mijn vrouw op een dag waarop hij volgens zijn eigen agenda helemaal niet gewerkt heeft. Mijn zoontje komt zelfs helemaal niet als patiënt in de administratie voor. Het beeld van een prachtig geautomatiseerde edoch licht chaotische administratie krijgt overduidelijk vorm. Na een tijdje wordt de zoektocht naar oude afspraken opgegeven en de kies wordt vakkundige gerepareerd. Ook wordt er een lekkende vulling geconstateerd. Met de opdracht om voor die lekkende vulling bij de balie een nieuwe afspraak wordt mij verzocht de behandelruimte te verlaten. Omdat ik voor de volgende week een afspraak voor de (half)jaarlijkse controle heb staan vraag ik of dan die vulling gerepareerd kan worden. Het antwoord luid geïrriteerd: 'de balie'. Bij de balie stel ik dezelfde vraag weer. Het blijkt niet te kunnen en dus wordt er een nieuwe afspraak gepland. Niks mis mee, vind ik prima. Vervolgens stel ik de vraag of die controle van de volgende week komt te vervallen. Kribbig wordt geantwoord: 'ik zeg toch dat het niet tijdens de controle kan'. Ik herhaal de vraag nogmaals en merk op dat ik dat al inmiddels al begrepen had. De dame achter de balie knikt bevestigend en verbaasd verlaat ik de praktijk. Met het in twijfel trekken van de bewering dat ik al ruim drie jaar niet geweest was, had ik klaarblijkelijk het eerste gebod van de tandartserij gebroken. Gij zult de tandarts nooit tegen spreken. Heb ik weer.
Wekelijkse de leukste tien liedjes van het moment volgens Wimtiedimtie. En ook elke week een gouwe ouwe van de week!
donderdag 26 augustus 2010
maandag 2 augustus 2010
Run Forrest run!
Kinderen rennen. Ze wandelen of kuieren niet, ze rennen. Ze rennen naar school, naar de speeltuin, naar het zwembad, naar huis, naar hun kamer, naar het voetbalveldje, naar opa en oma, naar hun vriendjes en als die er niet zijn weer naar huis, naar de ijscoman, naar het fietsenschuurtje, naar de hoek van de straat en weer terug........... kinderen rennen eigenlijk overal en altijd. Niet omdat ze haast hebben, maar gewoon uit enthousiasme. Ze zijn blij dat ze naar school mogen en aan het einde van de dag weer minstens even blij dat ze naar huis mogen. En als ze niet rennen dan fietsen ze hard. Ze rennen naar hun fiets om vervolgens als een bezetene – alsof ze in de beslissende tijdrit van de tour de France zitten – ergens heen te fietsen. Nooit langzaam, altijd zo hard mogelijk en vaak zelfs harder. Soms zelfs zoveel harder dat ze zwaar buiten adem ergens aankomen of de controle over hun fiets verliezen, vallen, meestal niets hebben en weer keihard wegfietsen. Kinderen fietsen hard, steppen hard, rolschaatsen, skeeleren en rennen hard. Wanneer ben ik opgehouden met dat rennen? Soms heb ik het nog in de auto. Dan rij ik door enthousiasme veel te hard, terwijl ik helemaal geen haast heb. Dat enthousiaste kind zit dus nog wel in me, maar als volwassene overal rennend of als een bezetene fietsend zwaar zwetend aankomen wordt meestal raar gevonden. Onderweg naar het volwassen bestaan leren we het dus af, maar waarom? Misschien is dit wel de sleutel tot het bestrijden van obesitas? Geef toe aan je enthousiasme, ga weer rennen!
Abonneren op:
Posts (Atom)