Stop het handicapdenken
Ik heb dyslexie. Nee, dat is geen handicap, dat is een gave!
Een dyslect is een beelddenker, een denker in plaatjes. Analoog aan het gezegde 'één plaatje zegt meer dan duizend woorden' zou je kunnen beweren dat iemand die dyslexie heeft duizend keer sneller denkt. Wellicht is dat een overdrijving, maar vaak zijn mensen die dyslexie hebben bovengemiddeld intelligent. Helaas wordt dyslexie in het onderwijs toch vooral als handicap gezien en worden kinderen zo veel mogelijk getraind om aan de specificaties van het gemiddelde kind te voldoen. Het leren gebruiken van het talent dat dyslexie heet, moet met veel vallen en opstaan door het kind zelf worden ontwikkeld. Niemand die daar bij helpt. Een gemiste kans.
Hoezo een talent?
In veel boekjes over dyslexie wordt beweerd dat dyslecten slecht zijn in het vinden van de weg. Ik als dyslect bestrijd dat ten zeerste. Ik durf zelfs te beweren dat het klinkklare onzin is. Onzin verzonnen door mensen die het vinden van de weg m.b.v. een routebeschrijving als een taalopdracht formuleren. Niet dat ze dat bewust doen, het is gewoon hun manier van denken, maar een taalopdracht is nu juist iets waarin een dyslect niet bepaald uitblinkt. Een routebeschrijving met straatnamen en termen als links- en/of rechtsaf is vanzelfsprekend een probleem voor een dyslect, al is het maar door het probleem met het onderscheiden van links en rechts wat vrijwel alle dyslecten hebben. Maak je echter van het vinden van de route een visualisatieopdracht en de dyslecten zullen je doen verbazen. Pak er een routekaart en stimuleer de dyslect zich te visualiseren waar hij of zij zich op de kaart bevindt en waar hij of zij op die kaart naartoe wil. Zoek bijvoorbeeld ook opvallende kenmerken – ingewikkelde kruispunten, waterpartijen, bruggen, bijzondere gebouwen en/of andere opvallende zaken in het landschap – en de dyslect zal de weg vinden als geen ander. Wanneer de visualisatie eenmaal goed in het hoofd zit komt er geen kaart of TomTom meer aan te pas – ik persoonlijk ervaar een TomTom vaak juist als verwarrend – en wordt zonder verkeerd rijden of onnodige omwegen de eindbestemming bereikt. Ik sta bij mijn vrienden en familie bekend als een koning in het weten en vinden van de weg. Ik rij bijvoorbeeld zonder hulpmiddelen vaak in één keer naar een bestemming in zuid Europa. Alleen door de avond voor vertrek me in te leven op de routekaart. Dat terwijl ik, als dyslect, daar juist niet goed in zou moeten zijn. Dit is maar een voorbeeld, maar mijn ervaring heeft me geleerd dat het gebruiken van visualisatie (zoals bijvoorbeeld ook mind-mappen) een krachtig hulpmiddel kan zijn bij een grote verscheidenheid aan taken.
Veel dyslecten lijden – ook op latere leeftijd – aan een gebrek aan zelfvertrouwen. Het handicapdenken heeft ze onzeker gemaakt. Al van jongs af aan ligt de focus op het niet goed kunnen lezen en/of schrijven – nog steeds zijn er mensen die mijn stukken afkraken vanwege de taalfouten zonder ook maar iets te zeggen over de inhoud – maar niet op het leren gebruiken van het talent. Desondanks komen redelijk veel dyslecten later toch goed terecht. Ze zijn boven gemiddeld intelligent, doen een HBO of universitaire studie en hebben een redelijke carrière. Veel dyslecten doen dit door zelf hun visualisatietalent te ontdekken en te ontwikkelen. De opdracht die ik het onderwijs zou willen meegeven is dit te onderkennen en de handschoen op te pakken. God mag weten welk potentieel we ontsluiten als we dyslecten van jongs af aan leren de gave van dyslexie te gebruiken.