Web 2.0, een geschiedenisles.
Amper begonnen aan het verkennen van het wereldwijde web – je (klein)kinderen hebben je net uitgelegd wat skypen en mailen is – slaat de schrik je om het hart. Het internet is al weer achterhaald! Op web 2.0 moet je wezen................ en dat is eigenlijk ook alweer achterhaald want web 3.0 komt er al aan en web 4.0 laat ook niet lang meer op zich wachten. Nu kan ik als dyslect sowieso weinig met dergelijke labels en namen, maar nu blijkt dat opeens een voordeel, want wees gerust: zoveel veranderd er niet.
Maar wat is web 2.0 nu helemaal? Zoals John Lennon ooit al zong: Power to the people! Het internet was de afgelopen jaren het domein van het bedrijfsleven en de commercie. Met de opkomst van diensten als Facebook, Twitter, Hyves, Flickr, Google docs, Google Wave, Blogspot (moet ik nog verder doorgaan?) is het wereldwijde web het domein van de gebruiker – lees jij en ik – geworden. De gebruikers bepalen en leveren de content. Dat 'oude' corporate internet waar het bedrijfsleven de macht had noemen we web 1.0, de verschuiving naar de macht van de gebruiker noemen we web 2.0.
Maar wat is er dan zo 2.0 aan web 2.0? Zelf ben ik sinds medio 1994 of daaromtrend – zo exact weet ik het niet meer - actief op Internet en het verhaal van deze verschuiving geeft me een soort van déjà vu gevoel. Ik weet niet meer waarom en in welke context, maar ergens midden jaren 90 was ik in een zaaltje in Zoetermeer waar een oudere grijze heer een presentatie gaf over de toekomst van het internet. Volgens deze oudere heer waren de dagen van het vrije internet voorbij. De anarchie zou een halt worden toegeroepen en het bedrijfsleven en de overheden zouden de regie in handen nemen. Hij bleek – deels – gelijk te hebben. Het corporate internet, web 1.0, was nog voor de millenniumwisseling een feit. Het 'vrije' internet is echter nooit helemaal is verdwenen. De voortwoekerende oorlog van de mediaindustrie – ooit begonnen tegen o.a. Napster en met o.a. Piratebay nog altijd actueel – is daar een mooi voorbeeld van.
Het oude internet, laat ik het web 0.1 noemen, werd dus opgevolgd door web 1.0: het corporate internet. Maar het nog nieuwere web 2.0 lijkt in wel heel veel zaken op het originele oer-internet ........... en tegelijkertijd ook weer niet. Alles werd al gedaan in het 0.1 tijdperk. Er werden foto's op websites gezet, er werd geblogt, bestanden werden gedeeld – zelfs digitale boeken en dat terwijl nog niemand van een iPad gehoord had – er waren websites met Hyves of Facebook achtige informatie enz enz enz enz enz enz enz enz enz ........... er was alleen één nadeel: alleen ICT-ers – toen nog IT-ers want toen hadden echte IT-ers geen flauwe notie dat er ook maar zoiets als communicatie bestond – nerds en whizzkids hielden zich bezig met dergelijke zaken. In zekere zin zou je kunnen zeggen dat het web 2.0 een overwinning is van die IT-ers, nerds en whizzkids. Toen het bedrijfsleven het Internet leek over te nemen hebben de techneuten de C van communicatie leren kennen, zijn zich in plaats van IT-ers ICT-ers gaan noemen en was er opeens de Nerd 2.0. Na geleerd te hebben van hun oude non-communcatieve fouten hebben de dames en heren techneuten zich verenigd en zijn software gaan ontwikkelen die alles kan wat zij op het web 0.1 al deden, maar in een dusdanige vorm gegoten dat nu (bijna) iedere boerenlul het kan. Aanschouw hier de ware revolutie van web 2.0: we zijn weer terug bij de uitgangspunten!
Samen kunnen en weten we alles, power to the people!!
Wekelijkse de leukste tien liedjes van het moment volgens Wimtiedimtie. En ook elke week een gouwe ouwe van de week!
donderdag 13 mei 2010
woensdag 12 mei 2010
Verplichtingen
Onderweg naar de verplichtingen
zie ik de zon boven Schiphol opkomen
De contouren van luchtkolossen
tekenen zich af tegen te opkomende zon
Klaar voor een vlucht naar verre oorden
Heel ver weg van het hier en nu
Nog verder weg van het verleden
Toch maar doorgereden
De plicht roept
zie ik de zon boven Schiphol opkomen
De contouren van luchtkolossen
tekenen zich af tegen te opkomende zon
Klaar voor een vlucht naar verre oorden
Heel ver weg van het hier en nu
Nog verder weg van het verleden
Toch maar doorgereden
De plicht roept
Navelstaren
Alweer een behoorlijk aantal jaren geleden opende het acht uur Journaal met een grote ramp. Midden in de zomer was er ergens in de regio Venetië een hagelbui gevallen met hagelstenen van het formaat Mango. Het Journaal pakte flink uit met gedupeerde Nederlandse toeristen met zwaar beschadigde auto's, caravans, en tenten. Sommige toeristen hadden zelfs verwondingen opgelopen door zo'n mega-ijsklomp. Een ramp van ongekende orde. Met stijgende verbazing bekeek ik met argus ogen het minuten durende dramatische epos waarbij de ter plaatse gearriveerde mannelijke correspondent – kan ook een vrouw geweest zijn – met gezwollen stem het leed beschreef van de getroffen Nederlanders wiens vakantie verpest was door deze enorme ramp. Met het stijgen van mijn verbazing nam echter ook mijn gevoel van ergernis toe. Als het werkelijk zo'n ramp was waarom zag ik dan alleen Nederlanders met te bruin hoofd en korte broek hun beklag doen over hun verpeste vakantie? Waar waren de Italianen wiens auto, huis, winkel of erger verwoest was? In ieder geval niet in het Nederlandse Journaal. Later bleek dat het Vlaamse Journaal wel een evenwichtig beeld van de ramp liet zien. Daar was te zien welke er schade er was aangericht aan woningen, bedrijven, wegen, mensen en ja, er werd ook aandacht aan de campings en vakantiegangers besteed, maar slechts in zeer beperkte mate.
Nu met de vliegramp in Tripoli bekruipt mij weer het zelfde gevoel. Zestig omgekomen Fransen, Engelsen of Belgen waren slechts een klein item in het Journaal geweest, zestig omgekomen Nederlanders overheersen alle media. Waarom zijn we zo navelstaarderig? Waarom rouwen we massaal om zestig mensen die de meeste van ons niet eens kennen? Ik meen het oprecht als ik zeg dat ik het voor de nabestaanden echt vreselijk vindt, maar zijn de nabestaanden daar mee geholpen? Hebben die massale rouw en stille tochten van de laatste jaren enig effect op wat dan ook? Voor wie doen we dat eigenlijk? Doen we dat voor de nabestaanden die we niet kennen - en zij ons trouwens ook niet - of doen we dat voor ons zelf? Het kijk-mij-nu-eens-sociaal-zijn-effect? Zijn het ook hierbij weer egoïstische of egocentrische motieven die ons drijven? Ik ben bang van wel.
Nu met de vliegramp in Tripoli bekruipt mij weer het zelfde gevoel. Zestig omgekomen Fransen, Engelsen of Belgen waren slechts een klein item in het Journaal geweest, zestig omgekomen Nederlanders overheersen alle media. Waarom zijn we zo navelstaarderig? Waarom rouwen we massaal om zestig mensen die de meeste van ons niet eens kennen? Ik meen het oprecht als ik zeg dat ik het voor de nabestaanden echt vreselijk vindt, maar zijn de nabestaanden daar mee geholpen? Hebben die massale rouw en stille tochten van de laatste jaren enig effect op wat dan ook? Voor wie doen we dat eigenlijk? Doen we dat voor de nabestaanden die we niet kennen - en zij ons trouwens ook niet - of doen we dat voor ons zelf? Het kijk-mij-nu-eens-sociaal-zijn-effect? Zijn het ook hierbij weer egoïstische of egocentrische motieven die ons drijven? Ik ben bang van wel.
Abonneren op:
Posts (Atom)